Terug naar overzicht

Print

Tweede KVGO-enquête: situatie verslechterd

De situatie in de grafische sector is in de afgelopen maand nog verder verslechterd. Dat blijkt uit de tweede KVGO-enquête naar de gevolgen van het coronavirus. Maar liefst 92 procent van de invullers had in april te maken met omzetverlies en een nog groter gedeelte verwacht in mei omzetverlies te zullen lijden.

  • 14 mei 2020

Bijna iedereen heeft problemen

Op de vraag welke problemen het bedrijf heeft door het coronavirus, geeft 96 procent één of meerdere problemen aan. Dat is een geringe stijging ten opzichte van de eerste enquete in maart, toen 94 procent liet weten één of meerdere problemen door het virus te hebben.

Hoewel het grootste probleem, net als in maart, orders en omzet zijn – 93 procent geeft aan hier problemen te hebben (in maart: 88 procent) – is er wel een verschuiving waarneembaar. De problemen ‘zieke medewerkers’ en ‘medewerkers in quarantaine’ nemen gelukkig af: had in maart nog 37 procent van de bedrijven één of beide van deze problemen, in april komt dat in 17 procent van de bedrijven voor. Ook de liquiditeitsproblemen zijn afgenomen: nu geeft 24 procent dit als probleem aan, tegen 37 procent in de vorige maand. Mogelijk heeft dit te maken met de (financiële) steunmaatregelen vanuit de overheid, zoals de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging behoud werkgelegenheid (NOW). Bij de ‘overige problemen’ geeft een paar bedrijven aan dat klanten langere betalingstermijnen aanhouden of zelfs niet betalen. Ook de combinatie van werk en privé voor medewerkers (door de gesloten kinderopvang en scholen) wordt door een aantal bedrijven als probleem benoemd.

Flexibiliteit

Van de invullers geeft 87 procent aan één of meerdere maatregelen te hebben genomen in reactie op de gevolgen van het coronavirus. Hierbij valt vooral de flexibiliteit op: 56 procent past de werktijden en/of de ploegenroosters aan, in 52 procent van de bedrijven pakken de medewerkers andere klussen op als er minder orders zijn en 40 procent van de bedrijven laat medewerkers zoveel mogelijk thuiswerken. Evenals vorige maand zoeken bedrijven ook naar flexibiliteit door het verminderen van de inzet van de flexibele schil. Iets minder dan een kwart geeft aan dit te doen. Slechts 1% van de bedrijven moet juist extra personeel inzetten.

Steunmaatregelen

Net als in de vorige enquête komt naar voren dat de financiële steunmaatregelen vanuit de overheid en andere instanties hard nodig zijn: 80 procent maakt hier gebruik van. Het merendeel, 66 procent, heeft de Tijdelijke noodmaatregel overbrugging behoud werkgelegenheid (NOW) aangevraagd. Deze regeling geeft een tegemoetkoming in de loonkosten bij afname van de omzet. De NOW geldt in eerste instantie voor drie maanden.

De helft maakt gebruik van de mogelijkheid om het betalen van belasting uit te stellen. Het aanvragen van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) gebeurt door 16 procent van de invullers en 13 procent heeft zich gewend tot het pensioenfonds PGB voor uitstel van de betaling van de pensioenpremies. Bij de overige maatregelen geven bedrijven onder meer aan uitstel te hebben gevraagd van de huur, hypotheek en/of leasebedragen.

Omzetverlies bij 92 procent

Gevraagd naar het omzetverlies in de maand april geeft 92 procent van de bedrijven aan in meer of mindere mate omzetverlies te hebben geleden. Die is weliswaar fors, maar lijkt gelukkig enigszins mee te vallen ten opzichte van de verwachting: in maart verwachtte nog 24 procent een omzetverlies in april tussen de 75 en 100 procent tegenover 12 procent dat aangeeft in deze maand daadwerkelijk een dergelijke extreme mate van omzetverlies te hebben gehad. Méér bedrijven dan in de vorige enquête dit verwachtten, hadden in april een omzetverlies tussen 5 en 25 procent (16 procent tegenover 11 procent) of tussen 25 en 50 procent (33 procent tegenover 26 procent).

Meer in mei

Het beeld voor de maand mei laat een verdere verslechtering zien. Maar liefst 95 procent van de invullers van de enquête verwacht in mei omzetverlies te zullen lijden. Een omzetverlies tussen 25 en 75 procent wordt verwacht door 70 procent van de bedrijven.

Onzekerheid

Gevraagd naar de verwachting van het omzetverlies in de tweede helft van 2020 geeft bijna de helft (48 procent) aan niet te weten hoe de omzet zich na de zomer gaat ontwikkelen. Iets meer dan een kwart van de bedrijven verwacht een omzetverlies tussen de 25 en 50 procent en 9 procent verwacht een omzetverlies van 50 procent of meer. Een enkeling is positief gestemd: slechts 1% verwacht een toename van de omzet.

Lees alles over Corona in de grafische industrie in ons speciale Dossier.

Reorganiseren?

De antwoorden op de vraag of de verwachting is dat, ondanks de steunmaatregelen vanuit de overheid, alsnog gereorganiseerd moet gaan worden zijn in overeenstemming met de antwoorden op de vraag naar de omzetontwikkeling in de tweede helft van dit jaar: 43 procent weet het niet. Een vijfde deel van de bedrijven geeft aan te verwachten alsnog te moeten gaan reorganiseren.

Verdergaand ondersteunen

Op de vraag of er behoefte is aan verdere maatregelen vanuit de overheid of instanties antwoordt 43 procent bevestigend. De door deze bedrijven gewenste maatregelen zijn divers. Meerdere bedrijven vinden dat de sector alsnog in aanmerking zou moeten komen voor de TOGS-regeling (in de volksmond ‘de 4.000-euro-regeling’). Ook willen bedrijven een verlenging en/of verruiming van de NOW-regeling en afspraken over uitstel van huur en leasebedragen. DGA’s merken op dat zij buiten de boot vallen en ook zij zouden graag een tegemoetkoming krijgen. Met betrekking tot het personeel zijn er bedrijven die oproepen tot een versoepeling van de regels rondom ontslag, verlaging van de transitievergoeding en uitstel van het vakantiegeld.

Lees hier de resultaten van de eerste enquête.