Terug naar overzicht

Print

Nederland gepikeerd over Belgische oproep tot drukken in eigen land

Veel Belgische grafische bedrijven en organisaties riepen Belgische retailers onlangs in een open brief op om hun drukwerk in België te laten produceren. Een dag later volgde eenzelfde oproep door de Belgische signbranche. In deze coronacrisis moest immers de Belgische economie volop worden gesteund. Deze oproep riep op LinkedIn onder Nederlandse grafici ergernis op. De Belgische grafische sector zou van twee walletjes eten. PRINTmatters vroeg onder meer drie Belgische ondertekenaars van dit initiatief om een reactie. Twee reageerden, één verkoos de mediastilte.

  • 31 mrt 2020

De angel zit hierin dat behoorlijk wat Nederlands drukwerk in België wordt geproduceerd. Procentueel zou het in Nederland en België volgens een insider om ongeveer hetzelfde aandeel drukwerk (22%) gaan dat over de grens wordt geproduceerd; gegeven de grotere Nederlandse drukwerkmarkt zou dat een groter volume Nederlands drukwerk dat in België wordt gedrukt impliceren, dan omgekeerd. Enerzijds wordt dus in België opgeroepen om in eigen land te laten drukken, anderzijds profiteren de Belgen van drukwerkmakelaars en soms ook Nederlandse salesvestigingen via wiens tussenkomst Nederlands drukwerk in België van de persen rolt.
De Belgische protectionistische oproep leidde tot geïrriteerde reacties op LinkedIn. Zo stelt drukwerkspecialist Ben Knelange: ‘Elke verkiezingen weer stemmen we in meerderheid voor één Europa, toch? Dan moet je niet dingen voor jezelf willen houden, ook niet als de nood aan de man is. In tijden van schaarste moet je JUIST delen, heb ik altijd begrepen.’ Ook Henk Gianotten is kritisch: ‘Een deel van de Belgische drukkers reageert angstig en drukkerij Antilope De Bie bv ondersteunt die actie. Ik denk dat ze raar zouden opkijken als hun Nederlandse klanten de orders terug naar Nederland zouden halen.’

Bart de Bie: ‘Wij steunen de Europese vrije markt’

Dat vraagt natuurlijk om reacties vanuit de ondertekenaars van de oproep uit de Belgische grafische industrie, met name ondertekenaars met tevens grote grafische belangen in Nederland. Impressie van de reacties van Grafisch Nederland op LinkedInOm meteen maar met Antilope de Bie Printing te beginnen: deze grafische dienstverlener zetelt in Duffel, nabij Antwerpen, maar heeft sinds oktober 2018 ook een verkoopvestiging in Amsterdam die drukwerkopdrachten voor de Belgische persen binnenhaalt.

Ceo Bart de Bie gaf de volgende reactie: ‘Ik begrijp dat onze open brief in Nederland, opgesteld door collega-drukker Jesse Marynen van Buroform, helaas anders geïnterpreteerd wordt dan oorspronkelijk bedoeld was. Dat betreur ik. Daarom verduidelijk ik graag een aantal zaken. Op 20 maart jl. lanceerden twintig ceo’s uit de Belgische retailsector een open brief. Hierin vroegen ze hun Belgische klanten om tijdens de coronacrisis in Belgische webwinkels te blijven kopen. De ceo’s hopen zo de toekomst van hun medewerkers veilig te stellen. Op 24 maart jl. ondertekenden 26 ceo’s uit de Belgische grafische sector, waaronder ikzelf, een antwoord op deze open brief. Hierin vroegen we de Belgische retailondernemers om hun drukwerk eveneens lokaal te blijven bestellen. We merken immers dat steeds meer drukwerk van Belgische en Europese ondernemers naar lageloonlanden gaat. Dit is jammer, want wij willen als familiebedrijf de toekomst van onze medewerkers ook veiligstellen. Wij wilden met onze brief de Belgische retailondernemers duidelijk maken dat we in hetzelfde schuitje zitten. Wij hebben hen nodig zoals zij hun klanten nodig hebben. De hashtag #kooplokaal kreeg enkel een Belgisch tintje omdat we onze open brief richtten aan een Belgische doelgroep die eerder opgeroepen had om Belgisch te kopen.’

De Bie voegt er het volgende aan toe richting de Nederlandse grafische sector: ‘Het was uiteraard nooit onze bedoeling om onze Nederlandse concullega’s te schaden of te schofferen. Als dat gebeurd zou zijn, dan betreur ik dat alvast ten zeerste. Ik ondersteun als ondernemer zeker en vast de Europese vrije markt en wilde met mijn handtekening enkel een solidaire kanttekening plaatsen bij een goedbedoelde oproep van twintig ceo’s die ik enorm waardeer.’


De fraai gesitueerde hoofdvestiging van Antilope de Bie Printing nabij Antwerpen. Sinds 2018 heeft het bedrijf een kleine Nederlandse salesvestiging in Amsterdam.

Jos Steutelings: 'Oproep was een "Practice what you preach" richting Belgische retailers'

Ook het Vlaams Innovatiecentrum voor Grafische Communicatie (VIGC) steunde de oproep van Belgische drukkers om drukwerk in eigen land te laten produceren. Het VIGC timmert de laatste jaren ook in Nederland stevig aan de weg met haar trainingen en consultancy. Directeur Jos Steutelings benadrukt evenals Bart de Bie de context waarin de oproep werd gedaan: ‘De oproep om in België te laten drukken was gericht aan Belgische retailers die opriepen om via Belgische webshops in te kopen, om zo de Belgische economie in deze moeilijke tijden te ondersteunen. In reactie daarop hebben grafische bedrijven in een open brief gezegd: “Retailers, wij steunen jullie oproep om lokaal in te kopen, maar koop dan zelf jullie drukwerk ook lokaal in België in, in plaats van dit drukwerk uit te besteden naar een lagelonenland waar het een fractie goedkoper kan. Een soort “Practice what you preach” dus.’

‘VIGC zal volgende keer iets voorzichtiger zijn’

Steutelings vervolgt: ‘Ik heb de reacties van Nederlandse drukkers op LinkedIn ook gezien. Het was geenszins de bedoeling van het VIGC om onze Nederlandse vrienden tegen ons in het harnas te jagen. Het VIGC heeft enorm veel waardering voor het hoge innovatiegehalte dat te vinden is bij veel bedrijven in de Nederlandse grafische industrie. Daarom belichten wij ook elk jaar diverse Nederlandse innovatiecases tijdens onze VIGC-congressen in België. Wat ik van deze ondertekening van de oproep om als Belgische retailer in België te laten drukken wel heb geleerd, is dat wij daarin als VIGC een volgende keer iets voorzichtiger moeten zijn. Nogmaals: de context waarin we dat deden is dus heel belangrijk om te begrijpen. Wij steunen wel degelijk een open Europese markt, ook nu.’


Jos Steutelings in actie tijdens het Benelux Online Print Event 2019, waar onder meer Marco Aarnink sprak: 'Wij belichten elk jaar diverse Nederlandse innovatiecases tijdens onze VIGC-congressen in België.'  

Denis Geers (Graphius, Febelgra) verkiest mediastilte

We hadden ook graag antwoorden op vier kritische vragen gekregen van Denis Geers, een derde ondertekenaar van de oproep om in België te laten drukken. Hij is namelijk niet alleen ceo van de Graphius Group (hoofdzetel in Gent) , maar ook voorzitter van Febelgra, de Belgische branchevereniging voor de grafische industrie. In het begin van dit artikel is uitgelegd dat de Belgische grafische sector veel opdrachten uit Nederland op haar persen terecht ziet komen. Eén van de vragen was of Geers die wetenschap wel meewoog voordat hij besloot om de protectionistische oproep van Belgische drukkers te steunen. Immers, zo legden we hem voor: mocht vanuit de Nederlandse grafische sector eenzelfde oproep ontstaan om alleen in Nederland te laten drukken, dan zijn de Belgen onder de streep uiteindelijk eerder slechter dan beter af in hun grafische handelsbalans met Nederland.

We stelden onze vragen aan Geers via zijn (bevestigde) e-mailadres, maar zijn antwoorden schitterden door afwezigheid.

Dick Naafs (KVGO): ‘Geen advies voor nationaal drukken’

In Nederland hebben grafische bedrijven zich vooralsnog echter niet georganiseerd om eenzelfde oproep te doen aan Nederlandse opdrachtgevers om hun drukwerk in deze moeilijke tijd in Nederland te laten drukken. Het initiatief hierin zal niet vanuit het Koninklijk Verbond Grafische Ondernemingen (KVGO) komen, als we voorzitter Dick Naafs beluisteren:
‘Persoonlijk vind ik dat we Europees moeten denken en de vraag waar drukwerk wordt geproduceerd vrij moeten laten aan het bedrijfsleven onderling en niet moeten dwingen of adviseren voor “nationaal”. Ik zou overheden in deze tijd wél willen vragen om zoveel mogelijk drukwerk lokaal en nationaal uit te zetten, en niet voor de laatste euro buitengaats te gaan.’